Uitbreiding eisen vriesvis

donderdag 5 januari 2012

Een nieuwe verordening biedt uitbreiding van eisen ten aanzien van het invriezen van vis om het gevaar op parasieten te beteugelen: Verordening 1276/2011.

Daar waar de oude verordening (nummer 853 uit 2004) slechts vier vissoorten bij naam (haring, makreel, sprot en zalm) noemde, die ter borging van het gevaar op nematoden ingevroren moesten worden, bepaalt deze nieuwe verordening dat alle visserijproducten die voor de rauw consumptie bestemd zijn, tenminste 24 uur in alle delen van het visserijproduct op een temperatuur van min 20 geweest moet zijn.

De oude verordening noemde alleen de nematoden, nu worden alle parasieten gedood. Ook de gezouten en gemarineerde visserijproducten moeten (nog steeds) deze behandeling ondergaan. In de oude situatie moest het handelsdocument vermelden wat er met het visserijproduct is gedaan. Nu moet duidelijk worden gemeld wanneer het visserijproduct NIET diepgevroren is geweest gedurende de vereiste tijd. Er mag pas van deze vrieseis worden afgeweken als uit epidemiologische gegeven blijkt dat de visgrond geen gevaar voor parasieten oplevert.